Défense de thèse

 

photo31_27a_33516449116_o-1

Le groupe de recherche Memex WW1 a le plaisir de vous inviter à la défense publique de la thèse de Pierre Bouchat: “From the Trenches to Europe: Do Memories of the Great War Shape Contemporary Pacifist Attitudes?”. Celle-ci aura lieu le lundi 26 juin, de 10h à 12h, à l’Université libre de Bruxelles (Campus Solbosch) au rez-de-chaussée du bâtiment D dans l’auditoire DC2.223.

 

1917. The Passchendaele Year

inv-achilles-vw-1

We invite you to attend,on the 18th of May, the book-launch of the translation of the diary of Achiel Van Walleghem into English. This diary offers a personal documentary and highly individual witness to the terrible events in Flanders in 1917.

Achiel Van Walleghem was a village priest who lived in Reninghelst, just west of Ypres, and who kept a detailed account of events and attitudes. He was well informed by the officers lodging in his presbytery. Urged by his innate curiosity, he witnessed and noted the arrival of the first tanks and the increasing importance of the artillery. He also visited the camps of the Chinese Labour Corps and the British West Indies Regiment. On 7 June 1917 he awoke early to see the enormous mines of the Battle of Messines exploding. And he was present when a deserter was shot at dawn.

With the support of the research project Memex WWI – Experiences and Memories of the Great War in Belgium (financed by BELSPO), Van Walleghems writings from 1917 have now been translated from the original Dutch by Professor Guido Latré Professor of English Literature and Culture, and Susan Reed, researcher in English Linguistics.

The entry is free, but please register by writing an e-mail to the In Flanders Fields Museum (kenniscentrum@ieper.be)

2679_agnd

3 tips om meer bronnen en referenties te vinden

(in de digitale catalogi van de Koninklijke Bibliotheek van België, het Algemeen Rijksarchief in België en het Studie-en Documentatiecentrum Oorlog en hedendaagse Maatschappij)

dscn0803-1

Het raadplegen van de digitale catalogi van instellingen als de Koninklijke Bibliotheek, het Rijksarchief en het CegeSoma[1] hoort bij de eerste stappen die een onderzoeker zet om inzicht te krijgen in het verleden. Wij geven jullie hieronder drie tips om meer referenties en digitale bronnen te vinden in de catalogi van deze instellingen.

Deze tips zijn gebaseerd op de eerste resultaten van het MADDLAIN-project, een tweejarig onderzoeksproject dat de gebruiken en de noden van het publiek van de drie instellingen onderzoekt op het vlak van digitale toegang tot de collecties. Bedoeling is om op termijn de digitale dienstverlening van de instellingen te verbeteren.

Tip 1: De digitale catalogi bevatten niet enkel referenties maar ook digitale bronnen

14b2a5ee-41de-45aa-a781-ba414808267b
Bijna alle deelnemers aan de MADDLAIN-gebruikersenquête die fysieke bronnen consulteren, zeggen gebruik te maken van de digitale catalogi van de instellingen om beschrijvingen en referentienummers te vinden. Het is echter zo dat slechts tussen de 60 en 70% van deze mensen de catalogi ook gebruikt om digitale bronnen te consulteren. Van zij die de catalogi enkel voor het opzoeken van beschrijvingen gebruiken, geven de meesten aan dat ze gewoon niet wisten dat de catalogus ook toegang biedt tot digitale bronnen.

In de catalogi van het Rijksarchief en de Koninklijke Bibliotheek kan men een optie aanvinken die ervoor zorgt dat er enkel in de digitale collecties wordt gezocht: digitale-bronnen-ara-2digitale-bronnen-kbr-2

Bij het CegeSoma bestaat deze optie niet, maar het grootste gedeelte van de digitale collectie bestaat uit foto’s en het is wél mogelijk om specifiek op foto’s te zoeken door ‘Fototheek’ aan te vinken. Daarnaast zijn er ook al verschillende archieven gedigitaliseerd en die worden via een boomstructuur beschikbaar gesteld.

De instellingen hebben ook nog aparte platformen specifiek gericht op digitale collecties. Hieronder geven we een kort overzicht van de digitale bronnen waarover de Eerste Wereldoorlog onderzoeker kan beschikken:
Pers: The Belgian War Press en BelgicaPress (klik bij ‘Geavanceerd zoeken’ BelgicaPress aan)
Archieven: Archives 14-18 en Wallonie, Parochieverslagen 1914-1918, Activiteitenverslagen van het Nationaal Hulp-en Voedselcomité (Opgelet: om toegang tot die laatste documenten te krijgen, moet u zich eerst registreren op de website van het Rijksarchief)
Publicaties: Digitale Bibliotheek Belgica (klik bij ‘Geavanceerd zoeken’ Digitale Bibliotheek Belgica aan)
Iconografie: de Iconografische Verzameling betreffende de Eerste Wereldoorlog (foto’s) van het Rijksarchief, en de fotocollectie van het CegeSoma (klik ‘Fototheek’ aan bij ‘zoeken in’)
Kaarten, plattegronden, schetsen en luchtbeelden: Cartesius

 

Tip 2: Voer je zoekterm ook eens in de andere landstaal of in de oude spelling in

gebruikersenquete-meertaligheid-1

De helft van de Nederlandstaligen zou nooit een Franstalige zoekterm invoeren in digitale catalogi, zo wees de MADDLAIN-gebruikersenquête uit. Nochtans worden de meeste bronnen wegens personeelstekort slechts in één landstaal beschreven. In sommige gevallen worden trefwoorden in beide talen aan de beschrijvingen bevestigd, maar de instellingen voeren geen actief metadatabeleid en maken ook geen gebruik van methodes als Linked Data die ervoor zorgen dat de gebruikers ongeacht de taal waarin ze zoeken dezelfde resultaten verkrijgen. Het is dus belangrijk om je zoektermen in beide landstalen in te voeren om geen referenties te missen.

In sommige catalogi, zoals bijvoorbeeld BelgicaPress, het digitale krantenarchief van de Koninklijke Bibliotheek, kan het ook lonen om je zoektermen in de oude spelling in te voeren aangezien er hier niet in metadata gezocht wordt, maar in de teksten van de kranten zelf. In het onderstaande voorbeeld zocht de onderzoeker naar informatie over oorlogsmonumenten. Ze kreeg maar liefst vijf keer meer zoekresultaten als ze haar zoekterm ‘gedenkteken’ ook in de oude spelling invoerde:

screen-shot-2017-02-06-at-10-32-26screen-shot-2017-02-06-at-10-31-52

 

Tip 3: Beperk je zoektocht niet tot de digitale catalogus, maar ga ook kijken in de papieren inventarissen en in de kaartcollectie

Zeer praktisch, de digitale catalogi die de collecties ontsluiten. We hoeven maar een zoekterm in te typen en een muisklik later weten we welke bibliografische referenties we moeten raadplegen om de informatie te vinden waarnaar we op zoek zijn. Veel onderzoekers weten echter niet dat het online plaatsen van metadata over de volledige collectie van een instelling een werk van lange adem is en dat enkel voor het CegeSoma dit werk reeds bijna afgerond werd. Voor het Rijksarchief verschilt de situatie erg van depot tot depot maar voor sommige kan 50% van de collectie momenteel nog niet via de digitale catalogus teruggevonden worden. Papieren inventarissen die in de leeszalen ter beschikking worden gesteld, kunnen onderzoekers dus zeker ook interessante pistes aanreiken.

Voor de Koninklijke Bibliotheek werden, onder andere, nog niet alle referenties uit de kaartcollectie (de fichebakken) van de algemene leeszaal aan het digitale systeem toegevoegd. De kaartcollectie bevat de referenties van alle documenten die door de KBR voor het jaar 1985 werden verworven en deze referenties kunnen geraadpleegd worden op auteursnaam of op onderwerp. Gesprekken die de MADDLAIN-onderzoekers voerden met de bibliotheekmedewerkers brachten aan het licht dat naar schatting zo’n 20% van de fiches nog niet in de digitale catalogus werd ingevoerd. De kaartcollectie blijft dus tot nader orde een belangrijk zoekinstrument voor de Eerste Wereldoorlog onderzoekers.

dsc06811

dsc06809

 

Jill Hungenaert & Karla Vanraepenbusch

 

[1] Het CegeSoma is het ‘Studie- en Documentatiecentrum Oorlog en Hedendaagse Maatschappij’ en werd op 1 januari 2016 in het Rijksarchief
geïntegreerd. Het CegeSoma zal in de nabije toekomst zijn eigen websites en digitale catalogus blijven gebruiken en wordt daarom binnen het
MADDLAIN-project als een aparte instelling beschouwd.

Conférence-débat – Villes en guerre 1914-1918. La Wallonie et Bruxelles

couverture_bruxelles

couverture_wallonie

À l’occasion de la sortie des ouvrages Bruxelles, ville occupée 1914-1918 et La Wallonie dans la Grande Guerre le CegeSoma vous invite à sa première conférence de l’année 2017.

Le vendredi 20 janvier (14h30) les auteurs des volumes (Bruno Benvindo, Mélanie Bost, Alain Colignon & Chantal Kesteloot) présenteront leur ouvrage respectif et les défis que pose l’écriture d’une « histoire visuelle ». C’est en effet à travers l’image qu’ils font le pari de raconter le vécu des Wallons et des Bruxellois au cours de la Première Guerre mondiale.

C’est Anne Roekens, professeure d’Histoire contemporaine à l’UNamur et membre du groupe de recherche « Histoire, sons et images » qui animera la conférence.

Intéressé(e) ?

Pour plus d’informations, rendez-vous sur le site Internet du CEGESOMA. 

 

En pratique:
–  Où : salle de conférence du CEGESOMA, square de l’Aviation 29 à 1070 Bruxelles.
–  Quand : vendredi 20 janvier, 14h30
–  Inscription : accès libre mais inscription souhaitée (isabelle.delvaux@cegesoma.be – 02/556 92 57).

Au plaisir de vous y rencontrer!

Les jeunes historiens ont du talent!

14322618_1265172580191387_6715917989081463760_n

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Ce 14 octobre, le CegeSoma donnera la parole à de jeunes historiens de talent du pays, diplômés en 2015 et auteurs de mémoires portant sur les deux guerres mondiales et leurs prolongements.

Plusieurs temps forts rythmeront la journée : une série de débats encadrés par des spécialistes des questions traitées ; un focus sur une sélection de fonds d’archives prometteurs de belles pistes de recherche et enfin, une analyse des sujets des mémoires d’histoire contemporaine présentés en Belgique ces dix dernières années. Cette journée est ouverte à tous.

Intéressé ? Accès libre mais sur inscription préalable avant le 10 octobre par mail (isabelle.delvaux@cegesoma.be) ou par téléphone (02/556.92.57)

En pratique :
 Où : salle de conférence du CEGESOMA, square de l’Aviation 29 à 1070 Bruxelles.
 Horaire : de 9 h à 17 h 00

Plus d’infos : www.cegesoma.be

Jonge historici hebben talent!

14322618_1265172580191387_6715917989081463760_n

Op 14 oktober geeft het CegeSoma opnieuw het woord aan jonge talentvolle historici uit heel het land, in 2015 afgestudeerd en auteurs van scripties die beide wereldoorlogen en hun nasleep behandelen.

Op het menu : een reeks debatten met deelname van deskundigen inzake de behandelde onderwerpen, aandacht voor archieven die veelbelovend onderzoek mogelijk maken, een analyse van de thesisonderwerpen in de nieuwste geschiedenis van België van de afgelopen tien jaar. Iedereen is welkom.

Geïnteresseerd? De toegang is gratis maar inschrijven is noodzakelijk voor 10 oktober per mail (isabelle.delvaux@cegesoma.be) of per telefoon (02/556 92 57).

Praktisch :
 Waar: conferentiezaal van het CEGESOMA, Luchtvaartsquare 29, 1070 Brussel.
 Wanneer: van 9u tot 17u00.

Voor meer info : http://www.cegesoma.be

Oorlog is absoluut geen mannenzaak

De Britse prins Harry tijdens een reünie met D-Day-veteranen ter gelegenheid van de herdenking van D Day maandag 6 juni © Getty

De Britse prins Harry tijdens een reünie met D-Day-veteranen ter gelegenheid van de herdenking van D Day maandag 6 juni © Getty

Fascinatie voor oorlogen is een ‘mannending’, zo beweerde de Nederlandse journalist Frans van Deijl gisteren in een opiniestuk in de Volkskrant, en hij suggereerde dat dat zo kwam omdat we nu eenmaal in een ‘verweekte’ en vervrouwelijkte samenleving leven.

Oorlogshistorica Jan Julia Zurné klom daarop in haar pen om te protesteren tegen het bizarre idee dat ‘de onderdrukte man’ gelukkig nog zijn hart kan ophalen aan oorlogsgeschiedenis. Want oorlog is absoluut geen mannenzaak!

Twee Memex WW1 doctorandae, Rose Spijkerman en Karla Vanraepenbusch, werkten mee aan Zurné’s opiniestuk en ondertekenden het. Het Memex WW1 team zelf is trouwens paritair samengesteld, met een nipt vrouwelijke meerderheid, wat nog eens onze stelling, dat oorlog geen ‘mannending’ is, onderstreept.

Mémoires de guerre(s)

Attention: cet événement est malheureusement annulé!

Nous avons le plaisir de vous inviter au séminaire “Mémoires de guerre(s): Mémoires et oublis collectifs à travers la transmission par l’image” par Valérie Haas et Brice Douffet. Ce séminaire aura lieu le 17 juin 2016, du 11h à 13h, à l’ULB (DB9.249, 9e étage, Bâtiment D, Campus Solbosch – avenue Depage, 1050 Brussels). Merci de confirmer votre présence à Pierre Bouchat avant le 3 juin: pierre [dot] bouchat [at] ulb [dot] ac [dot] be

ABSTRACT: L’objectif de notre intervention à deux voix sera de réfléchir à la manière dont la psychologie sociale traite -grâce à différents outils méthodologiques- la question de la mémoire sociale et collective. Plus précisément, nous illustrerons à travers quelques exemples tirés de recherche menées au sein de notre laboratoire (GRePS, Lyon) comment la mémoire des groupes peut-être appréhendée dans ce qu’elle a de ténue, d’implicite, à travers la (non)-transmission au cours du temps qui va bien au-delà du langage verbal, surtout lorsqu’il s’agit de périodes révolues depuis longtemps. Au lieu de nous focaliser sur des supports classiques dans notre discipline (entretiens, observations, questionnaires, presse), nous présenterons les apports de l’utilisation des cartes mentales qui structurent les images de la ville et disent quelque chose de son histoire chez les habitants (recherches réalisées sur les villes de Vichy et de Villeurbanne notamment) et notamment des mécanismes ou processus d’oublis collectifs mis en place. Puis nous nous attarderons plus spécifiquement sur l’image à travers un média spécifique et original. En effet, depuis plusieurs années, la BD investit massivement la période historique de la Grande Guerre. Plus précisément, nous nous interrogerons sur l’image du soldat de 14-18 qui est transmise par ce vecteur médiatique et la représentation que le public en a. Bien plus qu’une pratique artistique, étudier la représentation du soldat de la Première Guerre Mondiale est un exercice impliquant l’inspiration des vecteurs de la transmission, fait appel à nos connaissances en Histoire, et met à notre disposition des éléments essentiels qui contribuent à l’étude de la construction de la mémoire collective.

 

Valérie HAAS est professeure de Psychologie sociale à l’université de Lyon, membre du laboratoire GRePS. 

Brice DOUFFET est doctorant au GRePS sous la direction de Valérie Haas à l’Université de Lyon

Art, Memory and War

Nous avons le plaisir de vous inviter mardi le 24 mai au séminaire “Art, Memory and War”. Lucile Bertrand viendra présenter son travail d’artiste sur le thème de l’après-guerre. Elle nous montrera en particulier son film Amnesia, hommage aux poètes et écrivains qui préservent la mémoire vive de ce qui est balayé par le déni.

La rencontre aura lieu de 13h à 14h30 au Leclercq 270 (Place Montesquieu, 1 à 1348 Louvain-la-Neuve). Soyez les bienvenu-e-s.

Séminaire 24 mai V2 (1)-page-001

8 tips om over WO1 te praten in het BuSO

Op uitnodiging van leerkracht Hilde Wielandts gaf ik, een jonge doctoraatsstudente geschiedenis, vorig jaar een presentatie over de Eerste Wereldoorlog in het Bijzonder Secundair Onderwijs St-Gregorius in Gentbrugge.

De 16 leerlingen waaraan ik toen les gaf worden er voorbereid op een toekomst waarin ze beschermd werken in het kader van tewerkstellingsprojecten op maat (OV2).

Ik was best wel nerveus, want ik heb nauwelijks leservaring. Om me goed voor te bereiden heb ik toen veel gelezen en nagedacht over strategieën om de aandacht van de leerlingen te vangen, en over de boodschap die ik als historica wou overbrengen.

De PPT presentatie die ik voor deze gelegenheid maakte, kun je hier bekijken om inspiratie op te doen. Hieronder volgen ook nog een aantal tips:

Zoek persoonlijke verhalen van getuigen die ongeveer even oud waren als de leerlingen
Start vanuit de beleving van de leerlingen. Getuigenissen maken de oorlog concreet, vooral als de getuigen even oud waren of uit dezelfde streek kwamen als de leerlingen. Licht een getuigenis toe, en probeer de leerlingen te betrekken bij het verhaal. 

Hoe concreter het voorbeeld, hoe gemakkelijker de leerlingen zich kunnen inleven in het verhaal. Tijdens mijn presentatie besprak ik het levensverhaal van de Ierse soldaat John Condon, die een beetje jonger was dan de leerlingen, en van spionne Gabrielle Petit, die een aantal jaar ouder was dan hen.

Maar opgelet: “Historische empathie wil menselijke keuzes begrijpen en is niet louter meeleven met slachtoffers of het veroordelen van daders”, aldus één van de toetsstenen herinneringseducatie die opgesomd worden in de overigens uitstekende brochure ‘100 jaar Groote Oorlog – herdenken in de klas’.

Zoek lokale voorbeelden
Ga op zoek naar foto’s van je gemeente in oorlogstijd. Sommige gemeenten of regio’s beschikken over een gedigitaliseerde beeldbank die de zoektocht aanzienlijk vergemakkelijkt, zoals Brugge, Oostende, Kortrijk, Mechelen, Antwerpen (Beeldbank AVA).

Bijna elke Belgische gemeente heeft een oorlogsmonument, en veel van die monumenten worden gedetailleerd beschreven in de Inventaris Onroerend Erfgoed. Toon een foto (of nog beter – ga erheen) en bespreek de betekenis en historiek van het monument. De leerlingen kennen het vast en passeren er misschien wel elke dag, vaak zonder te weten dat het monument naar de Eerste Wereldoorlog verwijst.

Benadruk de tol die het conflict eiste
Voor deze tip haalde ik de mosterd bij een interview met historica Sophie de Schaepdrijver (dat je hier kunt nalezen in de brochure “100 jaar Groote Oorlog herdenken in de klas”, p. 15). Zij maakt duidelijk onderscheid tussen lager en secundair onderwijs, en stelt dat leerkrachten in het lager best de nadruk leggen op de tol die het conflict eiste en op het (over)leven aan het front en in het bezette land. In het secundair mag wat dieper ingegaan worden op de internationale dimensie van het conflict.

Voor het BuSO lijkt het me belangrijk om het vooral te hebben over België in oorlog, en wat dat concreet precies betekent, zonder echter de internationale dimensie te vergeten, en af en toe, rekening houdend met het niveau van de leerlingen, de blik te verruimen en België in een breder kader te plaatsen. Zelf deed ik dit door een foto te tonen van de koloniale troepen in Congo (“er werd ook gevochten in Afrika”) en een tweede foto van Marokkaanse strijders in de Westhoek (“er vochten Marokkanen in België”).

Spreek niet enkel over de soldaten, maar ook over de burgerbevolking
De Belgische oorlogservaring beperkt zich niet tot het IJzerfront, maar omvat ook de bezetting en de ballingschap. Vertel het verhaal van de Belgen die bleven en zij die vluchtten, van de problemen waarmee zij geconfronteerd werden, en van hun reacties daarop.

Praat ook over de spanningen die tussen hen bestonden (zie daarvoor het uitstekende artikel van Antoon Vrints over “Eenheid in verdeeldheid. Tegenstellingen in België tijdens WO1″, gepubliceerd in 2014 in het Belgisch Tijdschrift voor Belgische Geschiedenis). De bevolking vond de vluchtelingen maar lafaards, terwijl de vluchtelingen vonden dat de blijvers zich niet hard genoeg verzetten tegen het bezettingsregime. Vraag de leerlingen wat ze zelf gedaan zouden hebben: vluchten, blijven of vechten?

Begeleid de blik van de leerlingen bij het bekijken foto’s, documenten en objecten
Foto’s, documenten en objecten zijn essentieel om te kunnen komen tot een ‘historische sensatie’. Gebruik ze niet gewoon als illustratie bij je uitleg, maar als bronnenmateriaal en als vertrekpunt. Ga er nooit vanuit dat de leerlingen begrijpen wat ze zien. Stel vragen en begeleid hun blik, zodat ze niet gewoon kijken maar begrijpen.

Voor leerkrachten is het niet altijd even makkelijk om aan objecten of aan documenten te raken. Vraag aan de leerlingen of ze zelf toevallig niets in huis hebben (een meisje in Gentbrugge had de medaille van haar overgrootvader, die vocht aan de IJzer, meegebracht). Propagandaposters en reproducties van krantenartikels kunnen gevonden worden in de Oorlogskranten, die je vindt in je plaatselijke bibliotheek.

Wees kritisch als je foto’s, documenten en objecten toont
Ons beeld van de Eerste Wereldoorlog wordt gevormd door propaganda- en anti-oorlogsfilms, door artikels die verschenen in de gecensureerde en clandestiene pers en door foto’s die soms niet helemaal de werkelijkheid weergaven.  Als je een foto toont van een slagveld, leg dan zeker ook uit dat er tijdens de oorlog eigenlijk zelden of nooit foto’s werden getrokken tijdens de gevechten zelf, dat de meeste foto’s in scène zijn gezet achter het front en dat sommigen zelfs bestaan uit meerdere verknipte negatieven (“gefotoshopt”). Meer informatie vind je in de catalogus van de tentoonstelling Shooting range – Fotografie in de vuurlinie, die je vast ook in de plaatselijke bibliotheek terugvindt.

Schuw geen moeilijke concepten
Schuw geen moeilijke concepten, zoals incivisme of activisme, maar probeer die in eenvoudige bewoording uit te leggen. Maak een vergelijking met een soortgelijke situatie die de leerlingen al kennen en die er enigszins mee te maken heeft of erop lijkt (bijvoorbeeld incivisme en profiteurs), en leg uit hoe de twee concepten van elkaar verschillen. Maak hierbij gebruik van voorbeelden en verhalen.

Nodig experts uit of ga hen opzoeken
Dit is een tip van leerkracht Hilde Wielandts, die een indrukwekkend programme opstelde voor haar leerlingen. Ze nodigde niet alleen mij als historica uit, maar ook iemand van Handicap International die zou komen spreken over de slachtoffers van niet-ontploft oorlogstuig (Scars of War), en ze ging met haar klas later die week ook nog een vluchtelingencentrum bezoeken in Gent, zonder de klasreis te vergeten vermelden die ze organiseerde naar de frontstreek rond Ieper.

 

Karla Vanraepenbusch & Hilde Wielandts